Wednesday, December 7, 2016

7 december 2016: Revisiting Kant en andere denkoefeningen (III)

Kritiek alleen werkt niet; er dient iets in de plaats te komen. Vernietigen door te creëren!


In de heerschappij van de leugen toont zich het failliet van wat eerder als normaal gold: het is ongeloofwaardig geworden en in zijn tegendeel omgeslagen. Zoals de democratie. Herstel is onmogelijk geworden. Alleen een grondige vernieuwing biedt nog uitkomst.


De retorica van de misleiding. Wat is verachtelijker dan doelbewuste onwaarachtigheid? Liegende reclame. De overdrijvingen van politici die iets gedaan willen krijgen. Fake nieuws en misinformatie die wordt verspreid om stemming te maken en debatten te beïnvloeden. De enige manier om er wetend gewend aan te raken is door cynisch te worden, hetgeen ontmenselijkend werkt.


Global name and shame list. Wanneer we een mondiale beschamingslijst zouden maken, met de namen en misdaden van mensen die het publiek bewust hebben misleid, met leugens, schromelijke overdrijvingen en misinformatie, wie zouden dan in aanmerking komen? Stel, de voornaamste straf zou zijn dat hun naam voor eeuwig op die mondiale beschamingslijst zou prijken; wat zou het effect zijn? Nihil?


Heeft het zin om zich in te laten met kunsttheorie? Op z’n best zal het het eigen, intuïtieve oordeel helpen expliciteren, door het woorden te geven en van argumenten te voorzien, bij het zien van kunst.  Hierdoor zal het eigen oordeel zelfkritisch worden en in staat tot evolueren. En de kunstenaar? Hem zou het een theoretisch basiskamp kunnen verschaffen, van waaruit een stap verder kan worden gezet, in het onbekende, met meer bewustzijn van de eigen intenties, van de stand van zaken in de wereld van kunst en cultuur, en van het verschil dat hij erin zou kunnen maken.


Een nieuw surrealisme? Zich beperken tot de natuurlijke werkelijkheid, zoals die zich aan onze zintuigen manifesteert, maakt tamelijk kleingeestig. Als mens leven we in zoveel andere werelden, vaak tegelijkertijd. Is het aan de kunst om die verschillende werelden te exploreren, met elkaar te verbinden, te laten contrasteren, op elkaar te laten inwerken? Is kunst spelen met multimondialiteit?


Is kunst een poging om symbolen te creëren, belichaamd in kunstwerken, die betekenis geven aan het participeren in verschillende werelden? Het kunstwerk als teken van synchroniciteit, als product van coïncidentie.


Revisiting Kant:

Kosmologische argumentatie, oftewel de verborgen agenda van uitvergrote vragen. De beste manier om iemand rijp te maken voor een of ander godsbewijs is om hem te laten geloven dat het belangrijk is om zich af te vragen hoe het heelal is ontstaan. Ook al is het een gebeurtenis waar geen enkel mens ooit bij is geweest, en ook al is het een wetenschappelijke kwestie die, zoals alle wetenschappelijke kwesties, onderwerp is van voortgaand onderzoek, zonder dat een definitief antwoord kan worden geclaimd (ook de Oerknal-theorie staat weer ter discussie), toch menen godgelovigen dat het een kwestie is waar je wakker van zou moeten liggen, en, belangrijker nog, waar zij (ondanks alle wetenschappelijke onzekerheid) een overtuigend antwoord op menen te hebben. En niet zomaar een antwoord, nee, een definitief antwoord! De vraag is dus met opzet uitvergroot. Er steekt een agenda achter.
De Jezuïeten werkten er reeds mee, toen zij in het keizerlijke China een poot aan de grond zochten te krijgen. Met hun Ptolemeïsche kosmologie probeerden zij de astronomen aan het hof te overtroeven, terwijl zij slinks hun ‘kennis’ over hemelsferen koppelden aan de vraag naar het ontstaan van de kosmos.
Het beste weerwoord tegen deze verleidingstruc is zich af te vragen of het werkelijk wel zo’n belangrijke kwestie is. Is de kosmologische vraag van belang voor hoe ik nu leef? Antwoord: nee, de kwestie is net zo irrelevant als de vraag of het heelal eindig dan wel oneindig is. Prima om er nieuwsgierig naar te zijn, maar wat is het existentiële belang van dergelijke kwesties? Nihil, - behalve wanneer het je om iets anders gaat, namelijk een even schimmige kwestie toch willen bewijzen, te weten God, en omdat je per se wilt dat hij bestaat. Zonder deze dwangmatigheid is er geen reden om de vraag naar het ontstaan of de (on)eindigheid van heelal zo op te blazen.  
Het kortste antwoord op de vraag naar het ontstaan van het heelal is dus: interessant, doch irrelevant.


Wie zijn wijsbegeerte in uiterste eerlijkheid voltrekt, zich nietsontziend laat leiden door zijn passie voor waarheid en zich zonder enige terughoudendheid laat aanspreken op het eigen ongedachte, kan niet anders dan komen tot een seculiere levensbeaming. Al het bovennatuurlijke blijkt een afgeleide, in het leven geroepen door onze verbeeldingskracht.


Het bovennatuurlijke bestaat. Andere werelden dan de natuurlijke bestaan, en wel in de verbeelding. En in de verbeelding doet hun werkelijkheid niet onder voor die van de natuurlijke wereld. Zoals niemand het bestaan zal betwijfelen van een wereld die hem wordt voorgetoverd in het zien van een film, in het lezen van een roman, of in het spelen van een game, zo bestaat er ook een goddelijke wereld voor degene die erin gelooft. Al deze werelden zijn een vorm van het bovennatuurlijke, in de zin dat zij ontsnappen aan de wetten en de noodzakelijkheid van de natuurlijke wereld.


Dé wereld bestaat niet. Het aantal imaginaire, bovennatuurlijke werelden is in principe oneindig. Er is niet één wereld die hen allemaal omvat.

No comments:

Post a Comment