De werkelijkheid op zichzelf, los van mij: waarom zou ik
daarover nadenken?
Nu het Zijn er is, is het er noodzakelijk. Of het Zijn er is
om een andere reden dan er simpelweg te zijn, valt niet na te gaan. Dat het
Zijn er is om niet, blijkt een afdoende antwoord, ook om te voldoen aan existentiële
vragen, behoeften en verlangens. Er zijn geen aanwijzingen voor een ander
antwoord, behalve voortkomend uit wensdenken.
Niets van wat in woorden een eigen leven leidt, losgesneden
van het andere, leidt in de werkelijkheid een geïsoleerd bestaan.
Bestaat transcendentie als op zichzelf staande
werkelijkheid? Transcendentie is een product van hetzelfde menselijke vermogen
dat zich ook ideeën vormt. Elke idee heeft een boventijdelijk, onstoffelijk en
onveranderlijk karakter. Zij overstijgt de tijdelijke, stoffelijke en
veranderlijke vorm van de dingen en situaties waarover iets wordt gezegd in
naam van die idee. De idee ‘schoonheid’, bijvoorbeeld, is op veel verschillende
dingen van toepassing, zonder dat hij samenvalt met een ding in het bijzonder.
Schoonheid is geen ding. De idee bestaat, niet op de wijze van de dingen, maar
in de verbeelding. Wie transcendentie opvat als op zichzelf staande
werkelijkheid verkeert in de greep van de macht der verbeelding, echter zonder
dit door te hebben. (Ook degene die geheel opgaat in de wereld die wordt
opgeroepen tijdens het lezen van een roman, is in de greep van de macht der
verbeelding, alsof die wereld echt
bestaat, maar hij weet dat het slechts een verhaal betreft.) Degene die transcendentie
voor een op zichzelf staande werkelijkheid houdt, reïficeert de stof van zijn
verbeelding tot iets met eenzelfde werkelijkheid als de dingen; hij vergeet het
alsof-karakter ervan. Deze vergetelheid ligt aan de basis van het geloof in een
bovennatuurlijke werkelijkheid.
No comments:
Post a Comment